Tag Archives: blog

Opschakelen, een burn-out en een tandje minder

Wielrennen Opschakelen. Het woord viel gisteren in de laatste kilometers voordat de sprint nog harder werd ingezet. Treintjes werden gevormd, moesten in stand worden gehouden en denderden door het prachtige Franse landschap. Spannend werd het zeker. Het verschil tussen de nummers een en twee was minimaal. Centimeterwerk. En dat na 223,5 kilometer fietsen!

Opschakelen. Een tandje erbij. Ik vroeg me af hoeveel er nog kan en maakte in gedachten een vergelijk met het dagelijkse leven. Hoeveel tandjes kunnen er nog bij?

Las vanochtend dat bij vrouwelijk managers burn-out vaker voorkomt dan bij de mannelijke collega’s. Misschien wel logisch want hoeveel tandjes kun je als vrouw nog opschakelen? En hoeveel als man?

Vanochtend las ik dat de lijst waarop zwakke/ slecht functionerende verpleeghuizen toch was gepubliceerd. Hoorde gisteren een arts voor de camera zich afvragen wat de cliënten ermee opschieten? Is het wel zo goed om onrust te zaaien? Kan het niet gewoon opgelost worden zodat ieder verpleeghuis de goede zorg levert? Ze zag mij uiteraard niet knikken voor het beeldscherm, maar ik deed het wel.

Ik vraag me ook af wat voor een zin het openbaar maken van zo’n lijst heeft. Het lijkt op opschakelen. Kijk ons eens als politicus, kijk ons eens als partij. Zoiets.

Ondertussen maakt de wielerploeg van Lotto-Jumbo zich zorgen over de douchekoppen, airco’s en het schudden van handen. Vanwege besmetting en het doorgeven van enge ziektes. Gelukkig mogen de kussen van de mooie rondemissen nog wel.

In de trein hoorde ik een paar dagen geleden een Opa waarschuwend naar zijn kleindochter uitleggen dat ze daar en daar maar niets moest vastpakken. ‘Daar komen mensen aan die vieze handen hebben…’.  Opschakelen en smetvrees laten ontstaan hebben soms ook met elkaar van doen.

Een leuke wereld, die van de wielrenners. Je kunt er best veel van leren. Zelf ben ik er niet geschikt voor. Ik zou constant terugschakelen om meer te genieten van het Franse landschap. Van de kleuren, de lijnen, de bochten, de glooiingen.

Denk aan je hart.

Fijne terugschakeldag.

 

Share This:

Anna, Rothko en een innerlijke zonnebril

Een paar dagen geleden las ik een bijzonder mooi geschreven stuk tekst van Anna Enquist. De titel?
“Het verlangen naar de oppervlakte”.

Anna Enquist schreef het stuk als gastredacteur voor de Trouw. Hoe komt het dat de huidige cultuur de diepte zo drastisch afwijst?, vroeg ze zich af. Verder schrijft ze onder andere: Het bedwingen van angst voor de diepte, denk ik. Voor stilstand, verstilling. Eenzaamheid, machteloosheid. Angst dat er niemand naar je luistert en je uiteindelijk alleen bent met je eigen gedachten en gevoelens. Als een klein kind in zijn bed in een donkere kamer. Monsters verschuilen zich achter de gordijnen en onder het bed houdt een draak zich voorlopig nog stil. Het kind is alleen in een onoverzichtelijke en onbegrijpelijke wereld waar een enorme dreiging van uitgaat. Niemand zal hem beschermen, niemand weet hoe bang hij is. 

Petje af en een diepe buiging is wat mij rest. En een vleugje stilte om haar woorden te absorberen.

Ik moet nog iets nakijken. Een goeie vriend vroeg me om voor aanstaande week een dag te prikken en iets leuks uit te zoeken om te gaan zien, “dan gaan we samen op stap” waren zijn woorden door de telefoon.

Rothko in het Gemeentemuseum? Me laten meevoeren in de diepte en die wonderlijke wereld van zijn intense kleuren? Of naar Apeldoorn voor een tentoonstelling met als mooie titel “Sounds of Silence”
Bij die laatste hoor ik klanken van Simon en zijn collega Garfunkel en zie ik beelden uit “The Graduate” voorbij flitsen.
Of toch naar het Foam in Amsterdam? De foto’s van Vivian Maier schijnen de moeite waard te zijn..!
Of naar het Kröller-Müller Museum om ons blind te staren op het werk van Armando? Altijd lastig als er zoveel keuze’s zijn. Maar ik moet vandaag een knoop door hakken.

Vannacht droomde ik dat ik bovenop een berg stond en het landschap overzag. Het licht was zo bijzonder dat het nauwelijks te bevatten was. De ijle lucht zorgde er samen met de indrukken voor dat ik naar adem hapte.
De redding was een zonnebril, maar geen gewone. Ik had een ingebouwde, een mens kan soms vreemd dromen.
Mijn innerlijke zonnebril schoof als vanzelf getinte glaasjes voor mijn ziel zodat die niet verblind zou raken door al het schitterende Aardse licht. Even later moest ik me losrukken van de top en in beweging komen om stap voor stap de weg naar beneden te nemen en te aanvaarden. Terug naar de realiteit en het ritme van de dag. Ik had geen andere keuze.

Keuze.
Waarnaar toe deze week? Ik heb gelukkig nog even…

Fijne Zondag.

 

 

 

 

 

Share This:

Levensverrichtingen, steunkousen en van gelijke waarde

Het is vrijdag. Het weekendgevoel komt langzaamaan dichterbij. Het gevoel van het weekend, anders dan de andere dagen, bestaat gelukkig nog steeds ondanks onze gewilde 24 uurs-economie. Het bestaat nog steeds ondanks dat ik, als ik wil, op zondag gewoon naar de supermarkt kan gaan en gewoon mijn boodschappen kan doen of geld uit een muur kan ontvangen. Het maakt voor de supermarkt en een automaat niet uit welke dag van de week het is. Er is geen verschil. De dagen zijn gelijke waarde.

Vandaag is er een landelijke actiedag om geld in te zamelen voor de strijd tegen Ebola. Om aandacht van de bevolking te vragen voor die afschuwelijke toestand waar mensen zich in bevinden. Ebola, het had een naam voor een land kunnen zijn of een naam voor een Koninkrijk in een sprookjesboek.
Ik heb jammer genoeg nog nooit een voet aan wal gezet in Afrika maar ik denk dat er in de gebieden waar het virus al duizenden slachtoffers heeft gemaakt geen weekendgevoel bestaat. Elke dag zal er wel hetzelfde zijn. Elke dag worden er mensen ziek. Elke dag gaan er mensen dood.

Ik heb een paar dagen geleden weer een woord bijgeleerd wat ik nog niet kende. “Levensverrichtingen”. Ik kwam het woord tegen in een stuk tekst over de zorg en de zorgen voor onze oudjes. Het woord schitterde in de tekst en de zin me tegemoet alsof het in neonletters was geschreven me meer wilde duiden dan waar het in de context voor werd gebruikt.

A.D.L. oftewel Algemene Dagelijkse Levensverrichtingen. De tekst ging over het sluiten van verzorgingstehuizen. “Niet meer van deze tijd” was een ondertoon die mee deed in de klankkast.
In het mooi geschreven stukje tekst ging het o.a. over het aantrekken van steunkousen, de benen zwachtelen of het aanbrengen van exceemzalf. “Levensverrichtingen”. Ik vind het een prachtig woord. Een arsenaal-verrijking.

Ik denk dat er in verzorgingstehuizen wel een soort van weekendgevoel bestaat. Dat zijn meestal de dagen dat het er wat drukker is. De tijd dat kinderen, kleinkinderen of andere familieleden op bezoek komen. Als er tenminste tijd voor is. Als iets “gewoon” wordt dan lijkt het zich te transformeren tot een levensstijl.

Veel mensen hebben anno 2014 gewoon een druk leven. Flink gevulde dagen met allerlei verrichtingen en plichtplegingen. Tijd lijkt op dit moment kostbaar en beperkt. Als “tijd” als item de aandelenbeurs op zou gaan dan zouden we iets bijzonder grappigs kunnen beleven.

Vrijdag. Een dag van actie. Vandaag staan er drie fotoshoots gepland. Drie keer portretopnames voor het goede doel. Het geld wat de deelnemers betalen gaat naar de actie om hulp te bieden aan het bestrijden van het Ebola-virus. Misschien een druppel op een gloeiende plaat, maar alle beetjes helpen denk ik maar zo.

Dus ik heb vandaag wat werk te verrichten…

Fijn weekend.

 

 

 

 

 

 

 

Share This:

Gelijkheid, taal en streven

Mart van Zwam“Wat de boer niet kent, dat vreet hij niet.” dat was één van de grondtonen in het nest waar de ooievaar me vroeger liefdevol in liet glijden. Of anders gezegd; het nest waar ik na een aantal flinke persingen van mijn lieve moeder in de nacht van een zaterdag op een zondag in terecht kwam.
Ik ben die eerste jaren gevoed en groot geworden met aardappels, vlees en jus. Pas later kwamen de héérlijke pasta’s, rijst, nasi, bami en andere lekkere gerechten. Toegegeven, ik eet bijna letterlijk alles, maar de gedachte aan sprinkhanen daar kan ik van gruwelen. Glibberigheden als oesters of mosselen rechtstreeks uit hun schelp zijn helaas niet aan mij besteedt. Qua karakter heb ik tijdens mijn leven wel ervaren dat ik altijd hongerig en benieuwd ben naar naar nieuwigheden om te ervaren en te proeven.

Een paar jaar geleden mocht ik op uitnodiging van een opdrachtgever een kijkje nemen in een Moskee. Het was mijn eerste ervaring. De schoenen gingen uit, die zette ik bij de rest van een indrukwekkende en bonte verzameling en ik zette mijn eerste voorzichtige stap naar binnen.
Wat mij vooral zijn bijgebleven en waren de prachtige kleuren van het interieur en de vormgeving van het geheel. En, wat nog belangrijker was, het ervaren van de onderlinge gelijkheid van de mannelijke Moskee bezoekers. Het verschil tussen vrouwen en mannen was iets wat ik weer niet kon bevatten en begrijpen. Die scheidslijn accepteert mijn hart niet. Het raakte me in de Moskee en ik bemerkte bij mezelf een gevoelsopstand.

Als keurig opgevoed katholiek jochie die met de hele school en dan ook verplicht in de kerkbank moest plaatsnemen keek ik soms vol ontzag en nieuwsgierigheid naar de verschillende naambordjes die op de banken vastgeschroefd waren. Ik weet nog heel goed dat ik me op die momenten afvroeg hoeveel geld je wel niet moest hebben om je naam op het naamplaatje van een kerkbank te kunnen krijgen.

In de Moskee waar ik als toeschouwer op kousenvoeten de sfeer mocht proeven was van naambordjes géén sprake. De eerste die binnenkomt gaat zitten en de tweede schuift aan. Enzovoorts, enzovoorts, legde mijn met een mooi Turks accent sprekende gastheer in onvervalst Nederlands uit. Die mate van gelijkheid raakte me diep, die beweging vond ik mooi. Het gaf mijn innerlijk heldere en andere informatie.

“Dreigjihadisme” kopte de Telegraaf een paar dagen geleden. Wat een bijzonder woord. Het lijkt me een mooi woord om te leggen tijdens een gezellig avondje scrabble. De woord- en letterwaarde zou wel eens kunnen oplopen.
Jihad. Ik kan het woord op dit moment bijna niet meer horen. De laatste tijd is het bijna elk uur in het nieuws. Als het woord hardop wordt uitgesproken laten de klanken een scherpte achter. De echo zoekt een bedding en wortelt zich diep.
Ik moest de betekenis even opzoeken maar vond het al snel. Het begrip Jihad komt uit het Arabisch. De woordstam is jhd dat “Streven” betekent. “Een inspanning gericht op een bepaald doel.”

Ondertussen is er een “Bijbel in gewone taal” verschenen. Een versie met aan deze tijd aangepaste woorden. Woorden die gemakkelijker te lezen en te begrijpen zijn. De kritiek op die versie begrijp ik wel. Een Ark is iets anders dan een boot. En “Scheppen” is overduidelijk iets anders dan “Maken”.
Je hebt taal en taal. Of zoals een een criticus het verwoordde: “Je kunt een gedicht van Gerrit Achterberg niet weergeven in een Jip en Jannekeverhaal. Beide taalzones hebben een eigen waarde, maar je moet ze niet met elkaar verwarren.”

Taal. Ik hou van de taal van mythen en poëzie.
En geloven? Ik geloof dat ik toe ben aan een vers kopje koffie.

Fijne dag.

Mart van Zwam

 

 

 

 

 

 

Share This:

Passend, een puntje en een paaltje

20140913-0288-2Een van de eerste beslissingen die ik vanochtend moest nemen was het kiezen van een passende foto bij de geschreven tekst. Ik had al wat klaar maar bleef maar schrappen en toevoegen. Wat past en wat niet?
Deze foto met een punt en een paal in het beeld leek mij wel passend.

Vanochtend werden mijn ogen geconfronteerd met het bericht dat er weer iemand is onthoofd. Op het scherm van de laptop verscheen een foto van een geknielde man gehuld in oranje, naast de man staat een figuur in het zwart. De man in Oranje werd even later na het nemen van de foto vermoord. Het is bizar en te gruwelijk voor woorden. Als je ergens geen woorden aan kunt geven dan past misschien alleen een moment van stilte?

Het beeld deed me denken aan een scène uit de film “Se7en”. Op Youtube noemen ze dat stukje uit de film “The Box”. De scène speelt zich af op een stuk verlaten buitengebied van een stad, een soort niemandsland. Als toeschouwers zijn er de kijker(s) en een paar politieagenten die rondvliegen in een helikopter. Als decorstukken van het beeld staan er hoogspanningsmasten, misschien wel om symbolisch aan te geven hoe spanning kan oplopen. De hangende draden creëren wijzende lijnen in de beelden. De helikopter zorgt voor het nodige opwaaien van stof en zand.

Als kijker weet je dat er iets ergs gaat gebeuren, de spanning is voelbaar en in opbouw. Het einde van de film en het verhaal kan nog alle kanten op, maar dan gebeurt het schijnbaar onvermijdelijke. Dat wat je absoluut niet hoopt gebeurt uiteindelijk dan helaas toch. Ongeloof blijft als een leeg gevoel en knagend gevoel achter. Een indrukwekkend stukje filmgeschiedenis met een razend knappe voelbare dynamiek tussen de acteurs Morgan Freeman, Brad Pitt en Kevin Spacey als John Doe. De vader, een zoon en een gestoorde geest.

Fictie en de helaas harde realiteit van een nieuwsbericht. Misschien kunnen we vandaag een kaarsje opsteken voor David Haines. David Haines was een hulpverlener in dienst van de VN.

Terug naar het puntje en het paaltje…Ik las allerlei uitleg. Zo is of was er sprake van een putje of een pitje en als het erop aankomt. Maar ook als het op de uitvoering aankomt…!
Mijn verwarring neemt zienderogen toe.

Nou ja, als het punt je bij paaltje komt is het gewoon zondag.

Fijne dag.

Mart van Zwam

Share This:

Bereikbaar, Rosetta en een Pussycat

Streep verdeeldHoe is het nu? Ik hoorde het en zag zijn landingsgestel uitklappen en Mus een feilloze landing maken op het uiterste puntje van de leuning. “Mager maar gezond.” was de impuls die ik kreeg om terug te zeggen. Dat kwam dan weer omdat ik een half uurtje daarvoor iemand dat tegen een ander had horen zeggen in de supermarkt als antwoord op dezelfde vraag.Maar in plaats daarvan kwamen er uit mijn mond de woorden heel en gevolgd door goed, want zo was het ook.

En of ik nog nieuws had? Mus had glimmende pretoogjes.
Ik vertelde hem dat ik s’middags bijna was aangereden door een mobielende fietser, of moet je nou zeggen fietsende mobieler? Ik ben een beetje in dubio welke van de twee nu het meeste klopt en de lading dekt .
Terwijl de woorden in dubio door mijn hoofd schoten realiseerde ik me dat ik de woorden kende, de betekenis ervan aanvoelde, de woorden gebruikte maar geen idee had hoe ik er ooit was aangekomen. Na snel opzoeken blijkt het uit het Latijn te komen. Het is een Latijn begrip. In dubio, twijfelen, twijfelachtig of bij twijfel. Grappig dat ik schijnbaar meer Latijn ken dan ik dacht.

“Ooit…”, zei ik tegen Mus en zag dat hij verwachtingsvol mijn kant opkeek na het startwoordje ooit alsof er iets wereldschokkend aan zat te komen. “Ooit..”
En ik vertelde hem van de vertegenwoordiger die ik lang geleden sprak tijdens een bakkie leut. De man was boos, pissig en moest duidelijk even iets aan me kwijt. Zijn baas had een autotelefoon in de bedrijfswagen laten installeren zodat hij bijna continue bereikbaar zou zijn. Weg vrijheid, altijd bereikbaar en oproepbaar. Ergens rustig koffie drinken was er niet meer bij zei hij zuchtend. Klote baas. Hij moest er duidelijk nog aan wennen.
En dat was een jaar of tien voordat we met z’n allen voorzichtig aan de mobiel gingen, vertelde ik erbij om mijn verhaal kracht bij te zetten.

“Het leven is in beweging.” zei Mus, keek me lachend aan “En jullie lijken soms sneller te willen dan het leven zelf”
“Kijk.” zei Mus en boog zich zich naar me toe. “Ik ben een vlieger maar ook een vlieger met een beperkte energiecapaciteit. Dat betekent dat ik goed in de gaten moet houden wat ik nog kan en hoeveel. Doe ik dat niet en ga ik diep, te diep, in mijn reserve dan stort ik neer of kan ik niet meer en ben ik zo een gemakkelijke prooi voor hen die me willen eten.” Ik keek hem begrijpend aan. Mus is helder in zijn uitleg, daar zit geen woord Latijns bij.
“Dus…” zei Mus. “Ik zal moeten voelen om op tijd en op een veilige plek te landen om me op te laden zodat ik even later weer opgeladen verder kan. Logisch toch?”

Ik dacht na zijn woorden aan het onderzoek wat er is gehouden onder vakantiegangers. Het blijkt dat WIFI een must is en een voorwaarde kan zijn voor het kiezen van de vakantiebestemming. En verder werd duidelijk dat 15 procent van de werknemers voor de baas gewoon bereikbaar is. 28 procent van de vakantiegenieters checkt zéér regelmatig de e-mailbox. Het kan verkeren.

“Heb je nog meer nieuws?” vroeg Mus. In gedachten hoorde ik Tom Jones zingen die het had over een Pussycat en What’s new.
Ik vertelde Mus van de sonde Rosetta die tien jaar onderweg was om in een baan van een komeet te geraken en dat wetenschappers deze week in een euforische stemming zijn geraakt omdat het allemaal zo wonderlijk goed lukte. Rosetta, een mooie naam, een mooie klank.
Omdat ik nieuwsgierig ben naar de naam Rosetta zocht ik het even op. Rosetta is genoemd naar de Steen van Rosetta. In 1799 vonden mensen de steen in de buurt van de Egyptische plaats Rosetta. De steen vormde een belangrijke sleutel in het ontcijferen van Egyptische Hiërogliefen.

“Waarom lach je?” vroeg Mus. Ik keek hem lachend aan en vertelde van een deuntje wat ik me kan herinneren. Iets over Rosetta en  are you better?
Ik ga het opzoeken.

Fijne zondag.

Share This:

Besef, Vuurspuwende Vliegen en een tekening

Besef “Wanneer letters dansen, vallen woorden op hun plek”
Ik zit in deze weken behoorlijk in de teksten en schrijf me te pletter. Het loopt als een tierelier. Een grappig woord waarvan ik in een blije extase kan geraken.

Terwijl ik me aan het boog over woorden als “Vuurspuwende Vliegen en Weerloze Weerwolven…” kwam ik woensdag dit tegen. “Besef wat je hebt.” Iemand, geen idee wie spoot deze letters op een muur dichtbij het station. Ik kon me niet bedwingen, stapte twee haltes eerder uit dan normaal en liep er recht op af. Natuurlijk moet ik daar dan een foto van maken voor de fotoserie “Op zoek naar de vorm…”.

Wat een contrast met de letters op de voorpagina van de Telegraaf. De woorden liegen en bedriegen schreeuwen me in de chocoladeletters-stijl tegemoet. Wat wil de krant? Mij als mens overtuigen of overhalen? Over de streep trekken zodat ik de straat opga en het woord uitschreeuw?
Nee sorry, beste krantenmensen. Ik ben van na de oorlog en dat wil ik ook graag zo houden. “Besef wat je hebt..”, het klinkt zeker in deze tijd als een regelrechte waarschuwing.

Ik heb vandaag nog een leuk klusje, moet proberen een mus te tekenen. Ik heb voorgesteld om Mus te fotograferen maar die wil dat niet. Hij vind zichzelf niet fotogeniek genoeg. Ik heb hem uitgelegd dat dat gewoon lariekoek is en voortkomt uit een stukje onzekerheid maar Mus is onverbiddelijk. En Mus is huiverig voor de social media. Hij vertelde dat ie niet graag ziet dat zijn foto’s gaan vliegen en dwalen naar Facebook, Pintererst en dergelijke. En ook niet op Twitter, zei hij me nadrukkelijk.

Ach het beestje. Hij vertelde me trouwens dat zij, de mussen, zo hun eigen Twittervorm hebben. Tjielp. Het bestaat al héél lang en schijnbaar kletsen ze wat af. Ik vroeg hem waarover ze het dan zo hebben.
“Over jullie.” zei Mus. “Omdat jullie zo’n grappige soort zijn met af en toe dwaze en vreemde streken. Over jullie pijn en verdriet, de kwetsbaarheid, oorlogszucht en egocentrisch denken.” Ik werd er even stil van. Er wordt dus over ons gekletst?

Ik moet dus tekenen, terwijl ik dat niet zo goed kan. Op de een of andere manier werkt het niet tussen mijn ogen, hoofd, hart en vingers. Op papier verschijnen rare strepen, vreemde vormen enzovoorts. Een Mus, is een Mus, is een Mus. Nu nog op papier.

Mijn leraar Tom vroeg ooit aan me: “Kun je een potlood vasthouden?” Ik antwoordde met een bevestiging maar ook met opgetrokken wenkbrauwen. Ik vond het namelijk een verrassende maar tegelijkertijd vreemde vraag. “Dan kun je mee op reis.” was zijn antwoord. Hij had groot gelijk en ik ging mee op reis.

Op een boot. Zeilen, schilderen, tekenen, eten, drinken, voelen en veel ervaren. Het tekenen lukte niet zo best, maar de rest was fantastisch. Deinend op de golven als een zeeman, ervarend met een open hart en met alle zintuigen op scherp.
Mijn leraar. Een geboren Hagenees die me de weg wees. Een authentieke wegwijzer.

Pruttelende Pelikanen en Duimendraaiende Dromedarissen,
Kakelende Kikkers met Knorrende Koeien.

Veel te doen vandaag..!

Fijne dag, het is bijna weekend.

Share This:

Zomer, vier jaargetijden en de balans

kleur, water, vorm, rimpeling, “Wat luister je naar?” vroeg Mus terwijl  ik zag hoe een druppel water langzaam , in bijna zichtbare slow-motion, vanaf zijn snavel op de armleuning van de tuinstoel drupte.
“Vivaldi, the four seasons.” Ik zag Mus z’n koppie heen en weer wiegen bewegen draaien en draaien  wat je nu hoort is het stukje over de verbeelding van onweer tijdens een zomerdag. Zo direct neemt het wel weer af, wordt het weer rustiger en warmer.

Zomer, zaterdagmiddag tegen het einde van juli. De tijd was snel gegaan, de zomer ook.
Ik zag dat Mus duidelijk onder de indruk was. Die Vivaldi was echt een genie, hij kon met deze muziek de verschillen en overgangen van de jaargetijden héél duidelijk weergeven. Deze muziek, deze verbeelding, de eigenheid van alles en de contrasten van  de jaargetijden brengen mij altijd in een staat van dankbaarheid en geluk. En diepe verlangens.

“Goh.” zei Mus. In mijn hoofd proefde ik het verschil tussen een h of een d op het einde van het woord. “Goh.” klonk het nogmaals met dan in een combinatie met een diepe zucht die daar aan vooraf ging. “Die Vivaldi kon er wat van. Wat een gevoel heeft die man erin gelegd.” Ik keek de Mus aan en knikte.
Aan het einde van zo’n kleurrijk muziekstuk kun je maar beter niets zeggen, woorden moeten geen ballast worden.

“Maar waarom zijn er eigenlijk vier jaargetijden, waarom geen vijf, zes of zeven?” kwetterde Mus.
Dat antwoord moest ik hem schuldig blijven, ik heb werkelijk geen idee. “Waarom heb jij twee vleugels en twee pootjes en ik twee handen, twee voeten en één penis?”
“Kwestie van balans?” Mus keek me vragend aan. Mijn hoofd zocht naarstig naar een verklaring. Mijn hart heeft geen verklaring nodig. Mijn hart is een allesweter.

“Ik moet gaan, kijken hoe het thuis is.” zei mijn fladderende vriend. Ik riep hem nog na, wilde nog mijn groeten doen aan mevrouw Mus. Maar hij hoorde me niet, de herfstklanken waren al ingezet.
Mijn hart kwam in opstand. Nee nog niet, alsjeblieft nog niet.

Fijne Zondag.

Share This:

Vliegtuig MH17, een fiets en een leeg blikje

Fiets Ik weet niet hoe het jullie vergaat maar ik ben nog een beetje aan het bekomen van de inmiddels afgelopen vierdaagse. Het was de laatste Vierdaagsedag met een intocht dat een rouwband droeg.

Geen officiële muziek. De militaire muzikanten konden s’ochtends hun instrumenten weer inpakken, de vlaggen gingen halfstok. De burgemeester vroeg aan een ieder om geen muziek te maken langs het parcours, wat trouwens lang niet overal gebeurde maar het was dan ook een verzoek. Nederland is in rouw vanwege de gebeurtenissen met het vliegtuig MH17. Persoonlijk heb ik telkens een vreemd gevoel wanneer ik dat vluchtnummer lees. De letters MH zijn mijn initialen.

Terwijl we qua nieuws eigenlijk midden in de zogeheten komkommertijd zitten draaien de verschillende media overuren. Interviews met nabestaanden, persconferenties, een minister die snel het vliegtuig instapt voor overleg, onze minister-president die een andere president verzoekt om zijn invloed aan te wenden?
De directeur van het reisbureau die in eerste instantie had beloofd om nabestaanden per vliegtuig naar de plek des onheils te brengen moest al vrij snel zijn belofte terugnemen. “Het is daar een War-Zone, veel te gevaarlijk” verklaarde hij voor de camera’s.
Ik nam nog een slokje koffie. Tja daar hoef je niet voor gestudeerd te hebben om je dat te realiseren. En die War-Zone is helaas niet gisteren ontstaan.

9/11 hoorde ik vallen. Een buitenlandse journalist schreef dat. “Jullie hebben nu je eigen 9/11”. Mensen roepen soms ook maar iets. Mijn hart kwam in opstand. Ik wil geen aangepraat trauma. En ook geen museum met brokstukken en bijpassende souvenirwinkel.

De vierdaagse is klaar, de helden zijn met duizenden bossen Gladiolen ingehaald. De Via Gladiola heet weer gewoon St. Annastraat.
Een van de allermooiste momenten van de Vierdaagse was voor mij de actie van een militair. Terwijl een groep keurig in het gelid marcherende soldaten een afvalbak passeerde mikte een van hen mis. Een leeg blikje viel naast een van de vele geplaatste afvalbakken. Ik zag ’n andere soldaat zich bukken en het blikje oprapen. Als was hij een basketballer mikte hij het ding met een boog alsnog in de bak.
Mijn Facebook-duim ging ervoor omhoog. Hulde en respect.

Het leven kan soms zo simpel zijn.
Gewoon elkaar een beetje helpen en een fiets heel laten.

Fijne Zondag.

Share This:

Rennen, Rennie en een vers gemaakt broodje

HemaVerbeelde ik het me nu of waren er veel meer mensen aan het vliegen en rennen? Gisteren liep ik alweer in het centrum. Terwijl ik al kijkend, genietend en loerend als een tijger op een bankje zat, wachtend op fotografische scoringsmomenten, zag ik allerlei hoofden naar beneden gericht.

De zon of beter gezegd de ontbrekende zonnestralen vanwege het filter van een wolkendeken heeft direct consequenties.

Het schijnt zelfs zo te zijn, dat is ooit wetenschappelijk onderzocht, dat als een weerman of weervrouw het heeft over een aankomende depressie er mensen zijn die daar sterk op kunnen reageren. Schijnbaar blijft die informatie sterk op de voorgrond.

Ik zag dus meer koppies naar beneden, snelle doorstappers en bijna rennende voorbijgangers. De sfeer van de dag ervoor met meer dan voldoende zon was anders, leuker, gezelliger. Gisteren was het bedrukter en het voelde klam aan.
Het zou natuurlijk ook kunnen dat er bij mensen vakantiestress in de lucht hing. De laatste dingen regelen, kopen, inpakken en niet vergeten. Er gaan vandaag ook bosjes mensen op pad om te ontspannen en de interne accu op te laden. Even helemaal niets en plat op het zonnige strand. Of misschien wel juist alles willen zien, geen moment missen. Maar volgens de berichten eerst je storten in de periferie van de file.

Terwijl ik zo naar de alsmaar voortgedreven mensen kijk en het eruit ziet alsof er iemand op ze jaagt, ze opdrijft, hoor ik Herman van Veens donkere stem “Opzij, opzij, opzij…”. Maar ook de onvergetelijke woorden van Ramses: “Laat me, laat me…ik heb het altijd zo gedaan.”
Een van de definities van periferie is trouwens buitenkant of rondom een centraal punt. Kan het centrale punt je eigen ik zijn? Woorden zijn gevormde sleutels.

Ik heb gisteren wel een paar redelijke foto’s gemaakt. Bij de Etalage van de Hema stond ik even stil. Mijn tijger-blik viel op “vers gemaakte broodjes”. Verwarring.
Broodjes gemaakt door vers personeel? Hoe maakt men broodjes? Worden die gebakken, belegd of zoiets? Reacties zijn van harte welkom…

Thuisgekomen en genietend van een glas wijn, muziek op de achtergrond en de pannen op het vuur zat ik nog even in mijn mijmer-modus. Zen, rust, weelde en vooral géén haast.
Maar even later werd ik toch weer even gekieteld door mijn inspiratievinger, dacht ik aan mijn schrijfnotities en de reclame voor het product Rennie.

Rennie heeft op mij de uitstraling van een snoepje in een doordrukstrip. Makkelijk, lekker en handig. Volgens de reclame zet Rennie “overtollig maagzuur om in water en andere lichaamseigen stoffen. Je maag is zo weer rustig.”
Ik heb onthaast en al even gewandeld door de wereld van Youtube. In een Engelse commercial hebben ze het over een “Happy tummy” tenminste wanneer je Rennie gebruikt. In Zweden zeggen ze “Lindrar snabbt och effektivt.”

Rennie. Gewoon een kwestie van nie renne…en de tijd nemen om rustig en relaxed een vers gemaakt broodje te eten.

Fijne dag.

Share This: